Windpark Spuisluis

Nut en noodzaak

Wat zijn de duurzame doelstellingen van de overheid en waarom? Wat draagt Noord-Holland hieraan bij? 
Het huidige kabinet heeft als doelstelling dat 14% van ons gezamenlijke energieverbruik uit duurzame bronnen moet worden opgewekt in 2020. Op dit moment is dat 5%. Deze doelstelling is geformuleerd om de schadelijke effecten van onze huidige manier van energieopwekking terug te dringen. Deze effecten zijn onder andere: de stijging van de omgevingstemperatuur, de uitstoot van fijnstof, de afhankelijkheid van andere landen.

De provincie Noord-Holland heeft de taakstelling om in 2020 voor 685,5 MW aan windmolens gebouwd te hebben. Dit betekent dat er naast windpark Wieringermeer nog zo’n 76 MW aan windparken bij gebouwd moet worden. Uit de voortgangsrapportage oktober 2015 van de provincie: "Per oktober 2015 staat de megawatt-teller van ‘windstats.nl’ op 359 opgesteld vermogen. Ten opzichte van de situatie in mei 2015 is dit een toename van 5 megawatt. Dit komt voort uit autonome ontwikkelingen (zoals de vervanging van bestaande windturbines). Samen met het Windpark Wieringermeer (250 megawatt) geeft dit een totaal van 609 megawatt, waarmee de resterende opgave momenteel ca. 76 MW is. Daarbij zijn nog niet een aantal windturbines die vervangen worden meegenomen."

Kunnen we niet beter alleen inzetten op zonne-energie in plaats van windenergie?
Om genoeg schone stroom te produceren, hebben we naast wind, ook zon, water, aardwarmte en biomassa hard nodig. Windenergie is op dit moment de schoonste en goedkoopste optie voor duurzame energie. Zonne-energie is sterk in opkomst, maar momenteel nog duurder dan windenergie. Zonne-energie kost ongeveer 16 cent per kWh, windenergie kost ongeveer 8 cent per kWh.

Waarom stoppen we niet met windenergie, het kost toch meer dan het oplevert?
Windenergie kan nog niet op kostprijs concurreren met fossiel opgewekte energie, dit is de reden dat windenergie wordt gesubsidieerd. Onderzoeksbureau CE Delft geeft aan dat de Nederlandse overheid in 2010 € 5,6 miljard spendeerde aan directe en indirecte subsidies voor fossiele brandstoffen. Per persoon komt dat neer op € 340 per jaar. Ook als je groene stroom kocht. Aan duurzame energie is €1,5 mrd subsidie verstrekt in 2010. Uitgaande van 16,5 miljoen inwoners betalen burgers dus ongeveer € 95 voor hernieuwbaar en € 340 voor fossiel. Met andere woorden, we geven allemaal ongevraagd bijna 3,6 keer meer uit aan subsidies voor fossiele brandstoffen dan aan hernieuwbare energie. In april 2016 heeft De Correspondent een factcheck uitgevoerd voor de stelling 'Windmolens draaien op subsidie'. Deze is hier te vinden. 

Hoe werkt de subsidie op duurzame energie?
De kostprijs van windenergie op land is ongeveer 8 eurocent per kWh. De marktprijs (zonder belastingen) voor elektriciteit ligt rond de 4 – 5 cent per kWh. De Rijksoverheid stimuleert bedrijven via de subsidieregeling SDE+ om te investeren in windenergie. Dit doen ze door het verschil tussen de duurzame elektriciteitsprijs en de marktprijs te compenseren. Producenten van windstroom ontvangen ongeveer 2-3 cent subsidie per kWh elektriciteit die is geproduceerd gedurende een van tevoren vastgestelde periode, bijvoorbeeld 15 jaar.

Waarom plaatsen we niet alleen windmolens in zee?
Om voldoende duurzame energie te produceren in de toekomst hebben we zowel windmolens op land als op zee nodig. Het is dus niet of-of, maar en-en. Windenergie op land is aanzienlijk goedkoper dan windenergie op zee. In het Energieakkoord is afgesproken dat dat er in 2020 6.000 MW wind op land en 4.500 MW wind op zee gerealiseerd moet zijn.

Deel deze pagina: